Veel Nederlanders brengen tegenwoordig enkele weken dor in een zonnig land. Desondanks heeft een groot deel van de bevolking een tekort aan vitamine D.

Artikel uit Schild magazine, september 2019, pag. 10-11, tekst: Eveline Hoebe

Schattingen van de tekorten lopen uiteen per leeftijdsgroep, van 36 procent van de jongeren tot de helft van de 60-plussers. Het advies is om dagelijks een kwartier lang met ten minste handen en hoofd ontbloot buiten door te brengen, maar of dit voldoende vitamine D oplevert is zeer afhankelijk van de lichtsterkte en huidskleur1. Mensen die weinig blootstelling aan zon krijgen door bedekkende kleding, het gebruiken van zonnebrandcrème, een donkere huidskleur of een kantoorbaan, houden in Nederland het vitamine D-gehalte moeilijk op peil.  

Een artikel uit 2010 in het Nederlands tijdschrift voor geneeskunde stelt dat het belangrijk is dat vitamine D-tekort serieus wordt genomen en dat men extra op moet letten bij risicogroepen en zwangeren. Bij een ernstig tekort moet men behandelen met een stootkuur vitamine D2.

Vitamine D-waarde en schildklierauto-immuunziekte

Een goede vitamine D-waarde is belangrijk voor het immuunsysteem en verlaagt het risico op diverse auto-immuunziekten. De rol van vitamine D bij schildklierziekten is dan ook onderwerp van wetenschappelijk onderzoek.

Wang et al. (2015) onderzochten het verband tussen vitamine D-waarde en het hebben van een schildklierauto-immuunziekte3. Dat deden zij door de resultaten van eerder uitgevoerde onderzoeken samen te nemen (meta-analyse). Ze toonden aan dat patiënten met een auto-immuun schildklierziekte, zoals de ziekten van Graves en Hashimoto, gemiddeld lagere vitamine D-waarden hadden en drie keer zoveel kans hadden op vitamine D-deficiëntie. 

Vitamine D tegen schildklier-antistoffen

Er is dus een verband tussen schildklierauto-immuunziekte en vitamine D-waarde. De vraag is of het geven van extra vitamine D aan schildklierpatiënten een effect heeft. Wang et al. analyseerden daarom vorig jaar zes studies met in totaal 344 patiënten met een schildklierauto-immuunziekte4. De resultaten laten zien dat suppletie met vitamine D zorgde voor significant lagere anti-TPO en anti-Tg titers (markers voor schildklierauto-immuunziekten). Er werden geen significante verschillen gemeten in TSH, FT3 of FT4. Het behandelen met vitamine D had met name toegevoegde waarde bij patiënten met daadwerkelijke vitamine D-deficiëntie4,5

Een studie van Krysiak uit 2017 concludeerde echter dat het ook effect had bij normale vitamine D-waarden. Na zes maanden dagelijks 50 µg (2000 IE) was de gemiddelde vitamine D-waarde gestegen tot 160nmol/l. Ook nu waren de antistoffen tegen TPO en Tg sterk gedaald ten opzichte van de controlegroep. Bij een langere behandelduur is een groter effect te verwachten. 

Is het dan zinvol om schildklierpatiënten te behandelen met extra vitamine D? Dit is een onderwerp waar men nog niet helemaal uit is. Voor een dergelijk advies is het belangrijk te weten bij welke schildklieraandoening(en) en bij welke dosis het effectief is, en of het kosteneffectief is. 

Vitamine D-tabletten 

De Europese etiketteringsrichtlijn hanteert 5 µg als Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheid (ADH) van vitamine D. Dat lees je terug op de verpakking van je supplement. Maar het etiket houdt geen rekening met je geslacht, huidskleur, leeftijd en hoeveelheid zonlicht waaraan je wordt blootgesteld. Voor specifieke risicogroepen (zie kader) adviseert de Gezondheidsraad daarom 10 µg per dag, oftewel 400 Internationale Eenheden (IE) te supplementeren1. Dat is ook de hoeveelheid die volwassen per dag nodig hebben volgens het Voedingscentrum. Klakkeloos uitgaan van de ADH op een (multi)vitaminepreparaat is voor sommige mensen dus ontoereikend. Check daarom altijd jouw persoonlijke situatie en vitamine D-behoefte om er zeker van te zijn dat je voldoende en niet te veel tot je neemt. Pillen met hoge doseringen zijn gewoon te koop bij drogisterij en apotheek, maar de aanvaardbare en veilige bovengrens van dagelijkse inname is gesteld op 100 µg (4000 IE)6. Regelmatig wijst men daarom op het gevaar van overdosering bij vitamine D.  

Twijfel je over je persoonlijke situatie? Bespreek dit dan met je huisarts. Die kan eventueel ook je waarden laten controleren. 

 

Vitamine D-waarden
De referentiewaarden die Nederlandse laboratoria hanteren als normaalwaarden voor vitamine D (calcidiol, (25(OH)D) lopen sterk uiteen.8 Als we de waarden van het UMC Groningen aanhouden dan is een vitamine D-waarde lager dan 50 nmol/L een tekort en een waarde boven 80 nmol/L voldoende.  

Risicogroepen volgens de Gezondheidsraad1
De volgende groepen wordt geadviseerd om 10 µg per dag te supplementeren:
- Kinderen onder 4 jaar
- Mensen met een donkere huidkleur
- Vrouwen die zwanger zijn of borstvoeding geven
- Mensen die overdag niet veel in de zon komen of de huid bedekken
- Vrouwen boven de 50
- Iedereen boven de 70 jaar: 20 µg per dag

Bronnen

1] Gezondheidsraad 2012. Dossier: Evaluatie van de voedingsnormen voor vitamine D

2] Wielders et al. 2010. Nieuw licht op vitamine D. Ned Tijdschr Geneeskd ;154:A1810 1

3] Wang et al. 2015. Meta-Analysis of the Association between Vitamin D and Autoimmune Thyroid Disease. Nutrients; 7, 2485-2498

4] Wang et al. 2018. The effect of vitamin D supplementation on thyroid autoantibody

levels in the treatment of autoimmune thyroiditis: a systematic review and a meta-analysis. Endocrine; 59:499–505

5] Krysiak et al. 2016. The effect of vitamin D on thyroid autoimmunity in non-lactating women with postpartum thyroiditis. Eur. J. Clin. Nutr.; 70(5), 637–639

6] European Food Safety Authority. Scientific opinion on the tolerable upper intake level of vitamin D. EFSA Journal 2012; 10(7): 2813-2858.

7] Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde