schildklierpillen

Pillen: ik ben blij dat ze er zijn, laat ik dat voorop stellen. Waar zouden de hypo’s en andere zieken van deze wereld zijn zonder ze? Nee, ik ben blij met de farmaceutische industrie en een trouwe slikker.

Maar dat neemt niet weg, dat ik zo min mogelijk bij die kleine rakkers stilsta. Patiënt ben ik tenslotte niet voor mijn lol, en het bepaalt al zo veel. Het liefst ging ik nooit naar de apotheek, en verwijderde ik het nummer van de huisarts uit mijn eigen geheugen en dat van mijn telefoon. Zonder nadenken slik ik iedere ochtend op de automatische piloot mijn thyrax en ga over tot de orde van de dag.
Prima tactiek als je veel last hebt van restverschijnselen en toch zo min mogelijk patiënt wilt zijn. Ik raad het iedereen aan. Althans, dat deed ik.

Twee weken geleden werd ik ruw in mijn struisvogeltactiek gestoord. Een hele rits tweets over generieke schildklierpillen had ik al voorbij zien komen, zonder ook maar een enkele bijgedachte. Totdat ik er nog eentje las. En er ineens een lampje branden. Want sinds de kerstvakantie ben ik weer hypo als een deur. 
Tuurlijk, we hadden veel te veel gezellige afspraken gemaakt. En natuurlijk, het is januari. (Op 1 januari beginnen acuut mijn nagels te schilferen en weet ik dat De Dip Van Het Jaar is begonnen.) Kwestie van onderduiken en bankzitten tot het weer beter gaat.
Maar dit keer is de dip wel erg heftig. Met schrik denk ik ineens terug aan drie maanden eerder: ik sta in de apotheek met een klein, wit plastic flesje in mijn hand.

‘Wat is dit?’, vraag ik nog. 

‘Oh, dat is de levothyroxine. Dat is hetzelfde als de thyrax, maar dan een ander merk.’ 

‘Oké’, zeg ik, en laat het flesje in mijn tas glijden.

Want: medicijnen, daar moet je niet teveel over nadenken, hè.

Tekst: Anne Bos